Een voorlopige voorziening is een juridische term die wordt gebruikt om een tijdelijke oplossing te bieden in een rechtszaak. Deze kan worden aangevraagd wanneer er sprake is van een urgent probleem dat niet kan wachten tot de volledige rechtszaak is afgerond.
Het kan bijvoorbeeld zijn dat je beroep hebt aangetekend tegen een besluit tot intrekking van een vergunning. Het kan jaren duren voordat de rechter een besluit neemt. Wanneer als gevolg van het besluit (de vergunningverlening) schade ontstaat die onomkeerbaar is, dan kun je daarop niet wachten. Bezwaar en beroep hebben geen schorsende werking en de projectontwikkelaar kan dus aan de slag, bijvoorbeeld met het kappen van bomen.
Om een dergelijk besluit snel tegen te houden kun je een verzoek om een voorlopige voorziening indienen aan de voorzieningenrechter van de bevoegde rechtbank. Doe dat zo snel mogelijk, liefst direct met het beroep of bezwaar. Een voorzieningenrechter gaat dan voorshands oordelen of het besluit wel rechtmatig is en kan besluiten dat er gronden zijn om te bepalen dat het besluit moet worden geschorst. De rechter kijkt naar factoren zoals spoedeisendheid, schade die kan ontstaan als er geen maatregelen worden genomen en de belangen van beide partijen.
Er zijn drie vereisten voor toewijzing:
- Aantoonbare onverwijlde spoed, die een uitspraak (en daarin genoemde maatregelen) noodzakelijk maakt om een onomkeerbare situatie te voorkomen; en
- Er moet dus bezwaar/beroep zijn gemaakt; en
- De rechter acht het besluit voorshands onrechtmatig.
Verzoek indienen bij de rechtbank #
Een verzoek kan worden ingediend bij de rechtbank door één van de partijen of door hun advocaten. Het verzoek moet duidelijk aangeven wat de urgentie is en welke maatregelen er nodig zijn. Hier staan de stappen beschreven en vind je een formulier (link naar een externe site).
Wel of niet spoedeisend ? #
Soms word je tijdens de zitting geconfronteerd met de toezegging dat men de komende tijd nog niet meteen aan het werk gaat, door wat voor omstandigheden dan ook. Als de initiatiefnemer/ vergunninghouder voorlopig nog niet zal starten met de werkzaamheden, dan loop je de kans dat je verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen, omdat er geen sprake is van een spoedeisend belang. En dan ben je een hoop geld kwijt voor niets.
Om dat risico te verkleinen kun je bij het bevoegd gezag (meestal de gemeente of de provincie) navragen of men direct aan de slag wil of nog zal wachten totdat op het bezwaar of beroep is beslist. Je kunt dat ook rechtstreeks aan de vergunninghouder vragen. Vraag of het bevoegd gezag of de vergunninghouder schriftelijk bevestigt dat men nog wil wachten met de werkzaamheden totdat is beslist in de procedure.
Met een harde toezegging dat niet wordt aangelegd of gebouwd totdat beslist is op het bezwaar of uitspraak is gedaan op het beroep, dan kun je van het verzoek om voorlopige voorziening afzien. Vraag dan wel of de gemeente deze toezegging schriftelijk bevestigt. Bel zonodig het bevoegd gezag voor toezicht op de naleving en handhaving.
Intussen is er nieuwe jurisprudentie over het spoedeisend belang in bestemmingsplanzaken. Lees daarover meer onder uitspraken.